CV

Artikelen

Columns

Meditatief

Agenda

Poëzie

Contact

Piet van Veldhuizen

Andere Gedichten


 

Waarheid

Niet hoe het zit,
niet wat uiteindelijk zal blijken waar te zijn,
niet wie er achteraf gelijk gehad zal hebben,

maar dat ik mag bestaan
ook als gebleken is
dat ik verkeerd gezien heb of gedaan,
als alles anders is dan wat ik zeker wist -

dát is de waarheid
waar ik niet bij zweer
maar die mij draagt
en alles om mij heen,
goddank,
mijn eigen lot voorbij.

 

(Augustus 2009)

 

Herfst

Geen ander jaargetijde is zo hevig,
zo woest of zo verstild, het lage licht,
de diepe kleuren als een laatste woord
voordat het winter wordt

De nevels spreken van een groot geheim
dat op het weiland ligt of uit de bossen komt,
je huivert als het plotseling om je heen is
en toch ontastbaar blijft

Het zijn de dagen van de oogst, de bomen
laten hun vruchten en hun lover vallen,
ze schenken met hun opbrengst het besef
dat alles eindig is

Dit is een tijd van diepe dankbaarheid,
van vage onrust over het voorbijgaan
van alles om mij heen, en van verlangen
naar wat ik nog niet ken

God, laat uw zegen op ons leven rusten,
maak onze dagen van uw vrede vol
geef ons de moed tot meegaan met de tijd
en draag ons in uw hart

(Herfst 2011)

 

Notre Dame d' Orcival (Auvergne)

Maria, zinnebeeld van het geloof
en van de kerk,
met alle aandacht bij de Heer,
ze wacht en weet nog niet
wat hij nu denkt of wat hij zeggen zal.

Ze heeft de Waarheid niet in pacht,
maar draagt hem op haar schoot,
een wakker kind dat vragen stelt
waarop je zomaar niet het antwoord weet.

Haar handen zijn bereid om hem te steunen
maar houden hem niet vast,
ze vraagt hem niet, zich naar haar om te draaien,
ze weet dat hij moet gaan en zij moet volgen.

In stille aandacht vloeien ze ineen:
de wijsheid van het Boek en van het Kind,
en van haar die alleen een plek wil zijn
waar God in deze wereld wonen kan.

(januari 2012)

 

Hier sta ik

 

Ik breid mijn armen uit
een machteloos gebaar,
ik weet het ook niet meer,
hier sta ik, God, het oordeel is aan u

Dan kijk ik links en rechts
naar mijn gespreide vingers
want daar is onverwachts
iets aan de hand

Daar is de zon die warm
mijn open hand beschijnt
als een gebaar van boven
dat ik er toch mag zijn

En als ik stil blijf kijken
prikt midden in mijn handpalm
de warmte van mijn hart
het zonlicht tegemoet

Daar sta ik dan,
nog even machteloos
maar vol van Gods genade
en badend in zijn licht.

 

(Januari 2011)

 

(Nieuwjaarswens 2011)

je leven een scheepje dat drijft
op de snelle rivier van de dagen,
nieuwjaar een inkomend getij
dat de stroom van de tijd vertraagt
om straks, als het keert, je te trekken
naar de wijde zee in de verte
waar niets je rest dan vertrouwen
op de eeuwige drift die ons draag
t